Logo Utrecht University

What can the humanities contribute to our practical self-understanding?

Symposium: esthetica

De kunst van de geesteswetenschappen:
Waarom de universiteit niet zonder esthetica kan

Het Ethiek Instituut van de Universiteit Utrecht organiseert 26 februari van 09:00 tot 17:30 (Kannunikenzaal, Academiegebouw Utrecht) een symposium over esthetica en de geesteswetenschappen. Deelname is gratis, maar de zaalcapaciteit is niet ongelimiteerd – gelieve aan te melden door een email te sturen aan Noortje Delissen. First come, first serve.

Programma

9.00-9.30 Inloop
9.30-10.30 Inleiding
Marcus Düwell, filosofische ethiek en esthetica (Universiteit Utrecht)
Anthonya Visser, Duitse taal en literatuur (Universiteit Leiden)
10.30-11.00 koffie
11.00-13.00 Filosofische esthetica
Rudolf Makkreel, filosofische hermeneutiek en esthetica (Emeritus Professor Emory University, VS)
Herman Siemens, politieke filosofie en esthetica (Universiteit Leiden)
13.00-14.00 lunch
14.00-15.30 Kunstwetenschap
Ann Rigney, comparatieve literatuur (Universiteit Utrecht)
Harm Langenkamp, muziekwetenschappen (Universiteit Utrecht)
15.30-16.00 koffie
16.00-17.30 Paneldiscussie: culturele praktijk
Jasper Krabbé, beeldend kunstenaar
Diana Chin-a-Fat, Raad van Cultuur, Rotterdamse Raad van Cultuur, Huis van Gedichten
Arthur Crucq, architectuurgeschiedenis (Universiteit Leiden)
Clint Verdonschot, filosofische esthetica (Universiteit Utrecht)
17.30 Borrel

Thema

De geesteswetenschap heeft het gevoel dat zij zichzelf moet rechtvaardigen. Dit is niet verrassend; de afgelopen jaren zijn de geesteswetenschappen maar ook de “geestesproducten” die zij zogenaamd bestudeert – de kunsten in brede zin van het woord – toenemend onder financieringsdruk komen te staan. Maar geesteswetenschappers lijken moeite te hebben een eenduidig perspectief te ontwikkelen op hun rol binnen de wetenschap en universiteit, en ook breder binnen de samenleving als zodanig. Van literatuurwetenschap, musicologie, en geschiedenis kunnen we niet “tellen” hoeveel problemen in de samenleving ze oplossen, noch kunnen wij op een andere manier “meten” wat hun maatschappelijke bijdragen zijn. Zijn geesteswetenschappen dan nutteloos? En zo ja: is het dan onmogelijk om aan de belastingbetaler uit te leggen waarom een deel van zijn bijdrage naar de financiering van geesteswetenschappelijk onderzoek gaat? Om deze vragen te kunnen beantwoorden is het noodzakelijk om een systematisch perspectief te ontwikkelen op het fenomeen dat de geesteswetenschappen bestudeert.

Voor een belangrijk deel houden de geesteswetenschappen zich bezig met kunst, of breder: esthetische dimensies van menselijk zelfbegrip en cultuur. En voor tenminste dit deel van de geesteswetenschappen speelt het esthetische dus een legitimerende rol: wij kunnen uitleggen waarom muziekwetenschappers muziek bestuderen als wij kunnen uitleggen dat muziek relevant is. Dat betekent dus dat als wij een antwoord willen kunnen geven op de vraag naar de rol van de geesteswetenschap, wij een antwoord moeten hebben op de vraag naar de rol van de kunst. Maar het “particuliere” karakter van kunst en de grote “subjectieve” component van de kunstervaring, maken dat het onmogelijk lijkt om in de kunst – zoals bijvoorbeeld in de natuurwetenschap – algemene wetmatigheden te vinden. Is het dan überhaupt nog mogelijk om op algemene wijze de rol van de kunst te reconstrueren, of is dit strikt particulier en subjectief en kunnen wij daar niet veel meer over zeggen?

Deze workshop heeft als inzet in preliminaire zin te verkennen wat het zou veronderstellen de systematische rol van het esthetische binnen menselijk zelfbegrip en cultuur te denken in de academische en maatschappelijke contekst van de 21e eeuw: hoe wij kunnen denken dat de kunst een bijdrage levert aan de manier waarop mensen zichzelf interpreteren en oriënteren in de wereld. De workshop is één van de afsluitende workshops van het onderzoeksprogramma ‘What can the humanities contribute to our practical self-understanding?’ Dit programma onderzoekt in hoeverre de geesteswetenschappen een belangrijke praktische functie hebben in praktische en politieke oriëntaties.

De voertaal is in principe Nederlands, al zijn de lezingen van Rudolf Makkreel, Herman Siemens, en Ann Rigney in het Engels.

Wij hopen veel collega’s, studenten, en andere geïnteresseerden te mogen verwelkomen!